L50A: Jabbeke - Brugge: Allerlei         -         Leuven: Ontsporing

Opleidingsschema's


Algemene opleiding

Het eerste deel is de “Algemene opleiding”. Deze duurt 12 dagen en geeft de kandidaat- treinbestuurders een eerste inleiding in de te verwerven vakkennis.
De kandidaat-treinbestuurders doen nog geen praktijk op lijn met een monitor.

De algemene opleiding wordt afgesloten met een examen (E0): de kandidaat is geslaagd op het examen indien hij minstens 60% van de punten behaald heeft; hij ontvangt alsdan het getuigschrift van algemene vakbekwaamheid: het document dat vereist is voor het aanvragen van een vergunning van treinbestuurder.

Het tweede deel van de fundamentele opleiding is de “Specifieke opleiding”. Deze duurt 188 dagen voor de rijbevoegdheid treinbestuurder en 148 dagen voor de rijbevoegdheid bestuurder rangeringen, opgesplitst in 3 fases.

De doelstellingen van de algemene opleiding luiden als volgt:
  • verwerving van kennis en praktische vaardigheden omtrent de spoorwegtechniek, met inbegrip van de veiligheidsbeginselen en de achterliggende filosofie van de exploitatievoorschriften
  • verwerving van kennis van de risico’s verbonden met de spoorwegexploitatie en van de verschillende aan te wenden middelen om ze te beheersen, en van de procedures die er verband mee houden
  • verwerving van kennis van de beginselen die een of meer methoden van de spoorwegexploitatie beheersen en van de procedures die er verband mee houden
  • verwerving van kennis van treinen , de samenstellende onderdelen ervan en van de technische eisen voor tractievoertuigen, wagons, rijtuigen en het overige materieel en van de procedures die er verband mee houden.
In het bijzonder dient een treinbestuurder in staat te zijn:
  • de praktische kenmerken, het belang, alsook de professionele en persoonlijke eisen (lange werktijden, weg van huis, enz.) van het vak van treinbestuurder te begrijpen
  • de veiligheidsvoorschriften voor het personeel toe te passen
  • rollend materieel te herkennen
  • kennis van een werkmethode te hebben om nauwgezet te werken
  • de verschillende referentie- en praktijkboeken te herkennen (procedure- en routehandboek als bedoeld in de Technische Specificaties Interoperabiliteit (TSI) “Exploitatie”, handboek voor de treinbestuurder, gids voor het verhelpen van storingen, enz.)
  • gedrag te verwerving overeenstemming met voor de veiligheid cruciale verantwoordelijkheden
  • op de hoogte zijn van het bestaan van de procedures die bij ongevallen met personen gevolgd moeten worden
  • oog te hebben voor de risico’s bij de exploitatie van de spoorwegen in het algemeen
  • op de hoogte te zijn van het bestaan van de diverse uitgangspunten van de verkeersveiligheid
  • over elektrotechnische basiskennis te beschikken.
Leerinhoud Dagen
theorie
Dagen
praktijk
Simulator
Oriëntatiemodule 0,25
Taakomschrijving van de treinbestuurder en zijn attitudes 0,75
Algemene en specifieke aspecten arbeidsveiligheid 1
Introductie en basiskenmerken tractiematerieel 0,5
Basisprincipes van de veiligheid en de laterale seininrichting op de Belgische spoorweginfrastructuur 1
Basisprincipes van de pneumatica en toepassing op de remming van de treinen 1
Algemeenheden elektriciteit en mechanica en toepassing op de technologie van de treinen 3
Verdieping van het hoorcollege door exploratie op het spoorwegterrein 1,5
Introductie tot de kennis van de spoorweginfrastructuur 0,5
Simulator 0,5
Integratiemodule 1,5
Opleidingsdagen 9,5 1,5 0,5
Examen 0,5
TOTAAL 12
Specifieke opleiding

De doelstelling is dat de kandidaat op het einde van de opleiding de kennis en de vaardigheden heeft verworven aangaande de onderwerpen gespecificeerd hierna. De kandidaat dient op het einde van elke fase de kennis en de vaardigheden verworven te hebben aangaande het thema van de fase.

Op het einde van zijn opleiding zal de kandidaat bekwaam zijn om volgende taken naar behoren te verrichten:
Vakkennis betreffende het rollend materieel
  • voorgeschreven testen en controles voor het vertrek
  • kennis van het rollend materieel
  • remproef
  • bedieningswijze en maximumsnelheid van de trein, afhankelijk van de karakteristieken van het baanvak
  • bediening van de trein zonder beschadiging van installaties of rollend materieel
  • onregelmatigheden
  • storingen en exploitatieongevallen, brand en ongevallen met personen
  • voorwaarden voor de hervatting van de reis na een storing van het rollend materieel
  • stilzetten van de trein
Vakkennis betreffende infrastructuur
  • Remproeven
  • bedieningswijze en maximumsnelheid van de trein, afhankelijk van de karakteristieken van de lijn
  • kennis van de lijn
  • veiligheidsvoorschriften
  • besturing van de trein
  • onregelmatigheden
  • storingen en ongevallen, brand en ongevallen met personen
  • taalexamen.
Het opleidingstraject is opgebouwd uit 3 fases: instap, uitdieping en synthese.
Elke fase is opgebouwd uit modules. Er zijn 3 types van modules:
  • de oriëntatiemodule: benadrukt wat zal aangeleerd worden over het beroep
  • de leermodules: zijn opgebouwd rond specifieke professionele situaties waarin kenniselementen aangebracht worden in verschillende leereenheden (LE)
  • de integratiemodule: licht de professionele situaties in hun totaliteit toe.
Binnen elke professionele situatie kunnen er 8 leereenheden aan bod komen: veiligheid, seinen en verkeer, lijnen en infrastructuur, rem, materieel, werkorganisatie, communicatie en kwaliteiten en attitudes.

Bij de analyse van het beroep van bestuurder werden 5 hoofdopdrachten gedefinieerd:
  • H1 Klaarmaken
  • H2 Veilig besturen
  • H3 Reageren op exploitatiestoringen
  • H4 Oplossen technische problemen
  • H5 Communicatie
Schema treinbestuurder

Inhoud van de opleiding
De fundamentele opleiding is zo georganiseerd dat theorie en praktijk geïntegreerd zijn. De opleiding beschreven in dit leerplan bedraagt 188 werkdagen.
Daarbuiten worden 3 verplichte vakantieperiodes voorzien: 3 weken tijdens de zomer, één week met Pasen en één week met Kerstmis.
Buiten deze periodes wordt enkel gelegenheidsverlof toegekend.

Het opleidingstraject wordt ondersteund door een beoordelingssysteem waardoor een permanente opvolging van de kandidaat mogelijk is. Dit systeem omvat formatieve en summatieve beoordelingen.

Per fase kunnen de beoordelingsmomenten schematisch als volgt worden weergegeven:
Beoordelingsmomenten treinbestuurder
Formatieve beoordelingen
Algemene aanpak:
  • is altijd aangepast aan de leerdoelen van een leereenheid, van een leermodule of van een fase
  • is ontwikkelingsgericht en:
    - biedt het opleidingsteam inzicht over de leervorderingen van de kandidaat
    - biedt de kandidaat de mogelijkheid om zich op tijd bij te werken.
Beoordelingsmethodes:
  • vindt plaats tijdens de leereenheden onder de vorm van:
    - oefeningen tijdens de les
    - zelfevaluatieoefeningen op het einde van de LE
  • vindt plaats op het einde van een leermodule en tijdens de integratiemodule onder de vorm van:
    - klassikale oefeningen die betrekking hebben op professionele situaties
    - kennis- en inzichtsvragen over de reglementering
    - praktijkoefeningen.
Remediëring:
  • op het einde van elke leermodule vindt een tussentijdse evaluatie plaats in de vorm van een gesprek waarvan het resultaat wordt geformaliseerd op het individuele overzicht. Op de maandelijkse kwaliteitsvergaderingen worden deze overzichten besproken met de begeleider en de coach van de opleiding.

Summatieve beoordelingen
De summatieve beoordeling E1 op het einde van de fase 1
Algemene aanpak:
  • heeft als doel na te gaan of de kandidaat voldoet aan de vooropgestelde leerdoelen.
Duur en beoordelingscriteria:
De summatieve beoordeling duurt maximaal 2 uur en bestaat uit:
  • proef op PC
  • schriftelijke voorbereiding op het mondeling gedeelte
  • mondeling gedeelte
Gevolgen:
  • rekening houdend met de moeilijkheidsgraad van de tot dan toe geziene leerstof, dienstuitvoering in normale omstandigheden en geen storingen aan het materieel of infrastructuur, wordt geen herkansing voorzien
  • nabespreking over de resultaten van de summatieve beoordeling is voorzien tijdens de oriëntatiemodule van de volgende fase 2.

De summatieve beoordeling E2 op het einde van de fase 2
Algemene aanpak:
  • heeft als doel na te gaan of de kandidaat voldoet aan de vooropgestelde leerdoelen van de fases 1 en 2
  • geeft een beoordeling over de taakuitvoering in het kader van professionele situaties.
Duur en beoordelingscriteria:
De summatieve beoordeling wordt georganiseerd over twee dagen en bestaat uit:
  • 2 halve dagen:
    • halve dag: de praktische proef, tijdens het besturen op lijn, beoordeling van de praktische kennis van de seininrichting en reglementering, het uitvoeren van remproeven en het oplossen van problemen in verband met remincidenten
    • halve dag: de proef op simulator, evaluatie van de besturingswijze tijdens weinig voorkomende maar realistische en opeenvolgende praktijksituaties.
  • Dag 2:
    De theoretische proef is mondeling en confronteert de kandidaat met een oefening gebaseerd op een praktijksituatie.
    Duur: maximaal één uur:
Systeem van quotering:
De resultaten van de beoordeling zijn voldoende wanneer de kandidaat:
  • op de theoretische proef ten minste 60% behalen en geen enkel antwoord gegeven dat in de praktijk leidt tot een risico voor de exploitatieveiligheid
  • voldoen aan het praktisch examen.
Gevolgen:
Nabespreking over de resultaten van de summatieve beoordeling is voorzien tijdens de oriëntatiemodule van de volgende fase 3.
De kandidaat die ongewettigd afwezig is op de beoordeling, wordt gelijkgesteld met een niet-geslaagde kandidaat. Bij gewettigde afwezigheid wordt een inhaalproef voorzien.
Voor de niet-geslaagde kandidaat wordt een herkansing voorzien tussen de 6de en de 10de kalenderdag volgend op de datum van de theoretische proef.
Gedurende deze periode verbetert de kandidaat zijn kennis door persoonlijke studie. Een remediering met een opleider is voorzien om gedeeltes van de leerstof te bespreking welke de kandidaat onvoldoende beheerst.

Het examen op het einde van de opleiding
Algemene aanpak:
De opleiding wordt afgesloten met een theoretisch en een praktisch examen.
  • controle van de theoretische en praktische kennis van de reglementering
  • controle van de correcte toepassing van de veiligheidsprocedures
  • controle van de kennis van de tweede landstaal.
Duur en beoordelingscriteria:
Het examen wordt georganiseerd over twee dagen en bestaat uit:
  • een praktisch gedeelte: begeleiden van de kandidaat bij een rit op de Belgische spoorweginfrastructuur waarbij wordt gecontroleerd:
    • de praktische kennis van het besturen
    • de kennis van de seininrichting in een reële situatie, van de stand van de verschillende besturingsinstrumenten en van de betekenis van de verschillende waarschuwingslampen en alarmsignalen in de stuurpost;
    • de geschiktheid om geringe tussenkomsten uit te voeren op het rollend materieel (krachtvoertuig en/of gesleept materieel);
    • de kennis van de praktische veiligheidsmaatregelen of procedures toe te passen bij incident(en) (in nood, ontsporing, ...).
    De praktische proef:
    • zal worden georganiseerd met het materieel en op de spoorweginfrastructuur eigen aan de eerste tewerkstelling
    • mag slechts worden afgenomen nadat de kandidaat het volledige leerplan heeft afgewerkt.
  • een theoretisch gedeelte: de kandidaat rijdt eerst een rit op de simulator, gevolgd door een theoretische proef voor een jury.
    • proef op simulator:
      De proef evalueert de reactie en de houding bij weinig voorkomende exploitatievoorvallen.
    • theoretische proef:
      Deze proef gebeurt mondeling voor een jury en confronteert de kandidaat met een oefening gebaseerd op een praktijksituatie. De theoretische proef duurt maximaal 30 min.
  • gedeelte kennis van de tweede landstaal
    • Beoordeling van de praktische talenkennis aan de hand van mondelinge en schriftelijke procedures. De taalproef wordt in de loop van fase 3 in de TCT afgenomen. Het resultaat wordt ter kennis gebracht van de jury van de summatieve beoordeling op het einde van de opleiding.
Systeem van quotering:
De kandidaat is geslaagd wanneer de volgende voorwaarden vervuld zijn:
  • op het theoretisch examen ten minste 60% behalen en geen enkel antwoord geven dat in de praktijk leidt tot een risico voor de exploitatieveiligheid
  • voldoen aan het praktisch examen.
Gevolgen:
Indien de kandidaat slaagt voor het examen, levert het opleidingscentrum het getuigschrift van specifieke vakbekwaamheid af aan de spoorwegonderneming of de spoorweginfrastructuurbeheerder die de kandidaat in dienst heeft.
De kandidaat die ongewettigd afwezig is op het examen wordt gelijkgesteld met een niet-geslaagde kandidaat Bij gewettigde afwezigheid kan een inhaalproef voorzien worden.
Voor de niet-geslaagde kandidaat wordt een herkansing voorzien tussen de 6de en de 10de kalenderdag volgend op de datum van de theoretische proef.
Gedurende deze periode verbetert de kandidaat zijn kennis door persoonlijke studie. Een remediering met een opleider is voorzien om gedeeltes van de leerstof te bespreking welke de kandidaat onvoldoende beheerst.
Download een voorbeeld lessenrooster voor:
Module Leerinhouden Dagen
theorie
Dagen
praktijk
Simulator
Fase 1 - Instap  
1.1 Afleggen van een traject in de regimes normaal- en tegenspoor 7,5 16,5 1,5
1.2 Rangeren in normale exploitatie 3
1.3 Aanvangen en beëindigen van de dienst in normale exploitatie 6
1.4 Integratiemodule 3
Summatieve beoordeling E1 0,5
Totaal fase 1 38
Fase 2 - Uitdieping  
2.0 Oriëntatiemodule 0,25 35,5 5
2.1 Afleggen van een complex traject 3,75
2.2 Afleggen van een traject met tijdelijk beperkte snelheid 3
2.3 Reizigers: Vertrekken met een storing aan de overbrengingsinstallatie en overschrijden van gesloten seinen
Goederen: Vertrekken in uitzonderlijke omstandigheden en overschrijden van gesloten seinen
6
2.4 Afleggen van een traject met remincidenten 5
2.5 Evacueren van een trein in nood 3
2.6 Integratiemodule 2,5
Summatieve beoordeling E2 2
Totaal fase 2 66
Fase 3 - Synthese  
3.0 Oriëntatiemodule 0,25 50,5 5,5
3.1 Materieel & Rem 10
3.2 Afleggen van een traject met hinders en incidenten in het spoor 3,75
3.3 Overschrijden van seinen in uitzonderlijke omstandigheden 4
3.4 Afleggen van een traject in uitzonderlijke omstandigheden 6
3.5 Integratiemodule 2,5
Examen 1,5
Totaal fase 3 84
Opleidingsdagen 69,5 102,5 12
Evaluaties en examen 4
TOTAAL 188